Ik ben Harry Potter niet. U bent geen Jedi Knight.

Toen schrijfster-activiste Barbara Ehrenreich borstkanker kreeg, was er meteen een opvangnet dat haar omarmde. In de praatgroep voor vrouwen met borstkanker kreeg ze een roze tasje met roze bloemen op met daarin een roze notitieboekje met een roze potlood. Onder het motto ‘Als je positief blijft, kan je de kanker overwinnen.’ Niets is minder waar. Geen enkel onderzoek heeft kunnen aantonen dat een positieve ingesteldheid ook maar iets zou veranderen aan de genezingskansen bij kanker.

Magisch denken heet dat: het idee dat je met je gedachten de wereld rond je kan veranderen. Zoals Darth Vader met zijn gedachten voorwerpen doet zweven of zoals Harry Potter met een houten stokje een leger duistere tovenaars verslaat. Ehrenreich trok op onderzoek uit en ontdekte dat het geloof in magisch denken zich niet beperkt tot science-fiction of fantasy-films. In de Verenigde Staten werd de basis ervan gelegd ten tijde van de eerste kolonisten. Eerst binnen een obscure protestantse sekte, maar later ook binnen alle christelijke groeperingen in de VS. De romans van de rechtsdenkende schrijfster Aynd Rand uit de jaren 1950 en de Indische goeroe’s die in de jaren 1980 CEO’s en beursbonzen coachten, verkondigen allemaal diezelfde gedachte. ‘Als je iets maar hard genoeg wilt, dan kan je het bereiken.’ The American Dream.

Dat dwangmatige optimisme heeft wel een schaduwkant. Mensen die hun werk verliezen, failliet gaan, ziek worden of hun land moeten ontvluchten, worden vandaag meer dan ooit verantwoordelijk gesteld voor hun eigen welzijn. De onderliggende redenering is: ‘Als je niet uit de miserie raakt, dan wil je het misschien niet hard genoeg. En als je het niet hard genoeg wilt, waarom zouden we je dan nog blijven ondersteunen met uitkeringen en een zorgsysteem?’

Maar wij zijn geen Harry Potters of Jedi Knights. We hebben onze levensloop niet voor 100% in eigen handen, hoe graag we dat ook willen geloven. Er is nog altijd zoiets als context. Dat wordt vandaag vaak vergeten.

Vorige zomer leerde ik in Brussel L. en H. kennen. Beide waren op dat moment ongeveer een jaar in België. L. had moeten vluchten uit Syrië, H. uit Afghanistan. Na een eerste interview bij de Dienst Vreemdelingenzaken had L. zijn verblijfspapieren op zak. Hij kon werk zoeken, een kamer huren, gaan studeren. Na dat eerste jaar en talloze interviews zat H. nog steeds in een asielcentrum. Wilde hij dan minder graag dan L.? Had hij meer zijn best kunnen doen?

Feit is dat Afghanistan momenteel niet als prioritair wordt beschouwd voor de erkenning van vluchtelingen. Syrië wel. Afghanistan is nochtans geen ‘veilig’ land: in grote delen zaait de taliban nog steeds terreur. De Syrische L. is koptische christen, heeft in Damascus gestudeerd, spreekt vlot Engels en was vrijwilliger bij de Rode Halve Maan, de Arabische tegenhanger van het Rode Kruis. H. is moslim, woonde in een bergdorp in Afghanistan en sprak bij aankomst in België geen woord Engels. Context dus.

Een biografie wordt door zo veel factoren bepaald. Je karakter, wilskracht of goesting zijn daar maar een kleine stukje van. Ja, een mens kan keuzes maken, maar dan moet er eerst de mogelijkheid tot keuze zijn. We leven niet in Star Wars of Harry Potterland. In de Hollywood-versie van Titanic zijn de makers erin geslaagd de film toch een soort van vreemde happy end te geven. In werkelijkheid voer het schip tegen een ijsberg en kwamen ongeveer 15.000 mensen om het leven. Dat scenario had niemand in handen.

Bart Capelle

Leestip:
Barbara Ehrenreich, Smile or Die: How Positive Thinking Fooled America And The World, 2009. 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s